EEN LASTIGE DROOM WORDT WAAR HISTORISCHE DAGEN IN GENK

Plechtige wijding van het heilige-Michaëlkerk op zondag 24 augustus 1986

`t Was een heerlijke dag! De zon was uitbundig van de partij en de hele wereld was aanwezig. Of toch ongeveer. We zagen vertegenwoordigers uit Duitsland, Nederland, Frankrijk, Engeland, Oostenrijk, Denemarken, Zweden, de Verenigde Staten van Amerika en Canada. En uiteraard vele Limburgse en Waalse Oekraïners, orthodox en katholiek, alsmede een grote groep Vlaamse katholieke vrienden wiens komst op deze dag, en hun voortdurende hulp en sympathie, steeds een hart onder de riem staken.

Reeds op zaterdag 23 augustus waren er, naast kerkelijke en burgerlijke overheden, enkele honderden mensen. Een plechtige vesperdienst opende het belangrijke feest met aartsbisschoppen Anatolij uit Neu-Ulm (Duitsland) en Constantin uit Chicago (USA) als celebranten. Geholpen door aartspriester Pallady Dubitskyj en aartsdiaken Kurescha uit München. Het koor van Düsseldorf zong de mooie Oekraïense gezangen, geleid door Priester Anfir Ostaptschuk.

De academische zitting werd uitstekend op de juiste baan gehouden door heer Edgard Gielen van Genk, terwijl de eigen priester Ivan Derewianka de Vlaamse woorden omzette in het Oekraïens en omgekeerd. Men hoorde oprechte woorden van lof, van bemoediging, van verbazing en bewondering.

Heer schepen Gabriels sprak in naam van de stad Genk. Hij noemde de nieuwe kerk een levend bewijs van de kracht van het Oekraïense volk, dat ongeacht de nieuwe omgeving, alles deed om trouw te blijven aan de tradities en het geloof van hun voorvaderen.

Mevrouw Hilde Houben-Bertrand sprak als lid van het hulpcomité van de Oekraïense Orthodoxe Kerk, maar uit haar woorden klonk veel meer: een waardering, een vriendschap, een geest van oprechte samenwerking vanwege het Limburgse provinciebestuur. Zij noemde het kerkgebouw het bewijs van de authentieke spiritualiteit in het concrete leven van de gelovige mens en de plaats waar de orthodoxe en de katholieke gemeenschappen elkaar hebben gevonden in een hartelijke geest van oecumene. Monseigneur Paul Schruers vertegenwoordigde het bisdom Hasselt. Hij was verheugd over de vele malen dat de katholieke christenen en de Oekraïens-orthodoxe christenen elkaar hebben ontmoet rond het Evangelie, dat ze samen hebben gebeden en elkaar broederlijk hebben geholpen. De vreugde van de ene is de vreugde van de andere, de pijn van de ene is de pijn van de andere, de hoop van de ene is de hoop van de andere. “Laten we samen”, besloot hij, “op deze weg verder gaan onder geleide van de Heer”.

Ook minister Kelchtermans, gemeenschapsminister van vorming en onderwijs, en volbloed Limburger, was graag aanwezig.

Hij herinnerde aan de bakermat Kiëv als begin van een groots Slavisch christendom. Hij herinnerde aan de kerken, de kloosters en kathedralen, de Byzantijnse mozaïeken en iconen. Hij sprak over het lijden van het Oekraïense volk, de vernielingen, de onderwerpingen, de fouten van de wetenschap. En hij was verheugd te zien dat de inplanting van de verschillende gemeenschappen in België mogelijk is. Hij loofde de integratie van de Oekraïners in Limburg, zonder de eigenheid van hun volk prijs te geven, en toch België te beschouwen als een tweede vaderland.

Tenslotte dankte de aartsbisschop van Parijs en West-Europa, mgr. Anatolij Dublanskyj, de vorige sprekers voor hun bemoedigende woorden en vroeg hen verder te werken aan een vriendschappelijke hartelijke samenwerking met de Oekraïners in ons land. Hij prees bovendien de gouden idee van de families Derewianka en Tertyschnikow voor het bouwen van dit godshuis.

Ondertussen werd gezongen door het koor “Oekraïna” uit Nilvange in Frankrijk, en klonken de heldere klanken van de bandoera nog feestelijker dan we gewend zijn. Daarvoor zorgden op quasi professionele wijze Katja en Nadja Derewianka.
De receptie die volgde gaf gelegenheid tot nadere kennismaking en geanimeerde gesprekken.

Nadja en Katja Derewianka spelen op de bandoera.
Nadja en Katja Derewianka spelen op de bandoera.

Op zondag dan kwam de kerkwijding, een uitzonderlijke plechtigheid door zijn waardigheid, zijn kleur en klank en door het zeer bijzondere ritueel en symboliek.
De dienst begon om 9 uur onder de leiding van de aartsbisschoppen Constantin en Anatolij, bijgestaan door de priesters uit al de vertegenwoordigde landen. En natuurlijk ook door de parochiepriester van de nieuwe kerk, Ivan Derewianka.

Aartsbisschoppen Constantin en Anatolij
Aartsbisschoppen Constantin en Anatolij

Zo werd, begeleid door plechtige gebeden en de aangrijpende gezangen door de Düsseldorfse en Franse koren, wasmastiek aangebracht op de altaarzuilen. Zo werd het altaarblad gezegend en vastgenageld met vier nagels en vier harde keistenen, symbool van de vier nagels waarmede Christus aan het kruis werd gespijkerd. Het altaar werd gezuiverd en gewassen met warm water en besprenkeld met een mengsel van rode wijn en rozewater, symbool van de mirre bij de begrafenis van Christus. Het heilig altaar werd omgord en vastgebonden met een koord en dan aangekleed met een onder- en een bovenkleed en bedekt met een mantel. Zo werd Christus gebonden wanneer Hij naar Kaifas werd gebracht.
Ook de proskomiditafel werd aangekleed.
Dan, in processie met een kaarsendragende protodiaken voorop, bewierookte de bisschop het altaar en de proskomiditafel, de altaarruimte en de kerk. Een van de volg-priesters besprenkelde met wijwater de muren terwijl een tweede priester kruistekens maakte op de muren en de ramen.
Ook de reeds aanwezige iconen van de iconostase werden gewijd en de heilige relieken werden rond de kerk gedragen, gezegend en bewierookt. Tenslotte werd gebeden voor allen die op welke wijze ook, hebben geholpen om de kerk te bouwen, en voor allen die verder voor de kerk zullen zorgen en er zingen.

Dan volgde de plechtige heilige Eucharistieviering.
Tijdens de homilie benadrukte aartsbisschop Constantin het belang van het verder beleven van de orthodoxe religie, door het Oekraïense volk, en verwees ook naar de komende viering van 1000 jaar christendom in Oekraïne.
Hij sprak zijn vreugde uit over het bestaan van dit belangrijk centrum van de orthodoxie in België. Tenslotte las hij een schrijven voor van metropoliet Mstyslav.

Bij deze plechtigheden waren tevens de bisschop van Hasselt, mgr. Heuschen, van de Oekraïense katholieken, mgr. Hrynschysyn, van vader Spiridon die de Griekse metropoliet Panteleimon vertegenwoordigde, priester Jos Opdebeeck, vicaris Luc Vendrickx, deken Van Keer en van vele anderen aanwezig.
Een verzorgde maaltijd werd de genodigden, 500 man sterk, aangeboden in een grote, voor de gelegenheid opgezette tent op het terrein naast de kerk. Er werd nog gevolksdanst, gezongen en bandoera gespeeld, met bovendien een bijzondere avond voor en door de jeugd. Het waren inderdaad vreugdevolle dagen, volledig gelukt zonder hiaten, door een optimale organisatie.