DE ICONOSTASE

Een van de voornaamste delen, en zeker het mooiste stuk in de kerk, is de iconostase. Het ontwerp, dat hierbij wordt afgebeeld, is het resultaat van langdurig overleg en nadenken. Een volledige iconostase bestaat uit 5 rijen die samen de ganse heilsgeschiedenis van het oude en het nieuwe testament vertegenwoordigen.
Door de vorm van de kerk hier was het niet mogelijk de vijf rijen boven elkaar op te bouwen, zoals het in vele orthodoxe kerken gebeurt. Daarom werd voorgesteld de onderste rij over de gehele breedte van de kerk te laten lopen (20 lopende meters!), de 2de en de 3de rij daarboven, tussen de vierkante pilaren. Men groepeerde daarmee de iconen van het nieuwe testament. De 4de rij, de profeten rond de Moeder Gods van het Teken, kwam links op de hoogte van de rijen 2 en 3; de vijfde rij, de Aartsvaders rond de Oudtestamentische Drievuldigheidsicoon, kwam rechts op dezelfde hoogte.

Moeder Gods Hodegetria
J. Opdebeeck
Moeder Gods Hodegetria
J. Opdebeeck
Christus Pantokrator
J. Opdebeeck
Christus Pantokrator
J. Opdebeeck

Zo bekwam men de volledige heilsgeschiedenis: de Drie-Eenheid gezien in haar eeuwig raadsbesluit tot redding van de gevallen mens (D), de Moeder Gods van het Teken die met de profeten de voorspelling van de heilbrengende verlossing symboliseert (E), de feestdagenrij die het verhaal brengt van de wijze waarop onze verlossing werd tot stand gebracht (B), om te eindigen bij de parousie, Christus als rechter op het einde van de tijden, met de heiligen die smeken ten gunste van de mensheid (de Deësisrij C). De onderste rij A groepeert, rechts en links van de koningsdeur, de 2 verplichte vereringsiconen: de Pantokrator en de Moeder Gods, met verder de parochieheiligen en een reeks heiligen volgens de plaatselijke voorkeur. Uiteindelijk werden het hier 72 iconen, van meer dan behoorlijke afmetingen, voor de iconostase. Daarbij kwamen nog de 12 aposteliconen op de grote luchter, de pani kadilo.

Iconostase schema

Het definitieve ontwerp werd voorgelegd aan de Kerkelijke Raad in München, die het op 19 juli 1985 goedkeurde.
Bij de wijding van de kerk op 24 augustus 1986 waren de voornaamste middenstuk-iconen afgewerkt.
De volledige iconostase werd gewijd op 25 oktober 1992 door de aartsbisschop Constantin van Chicago, en aartsbisschop Anatolij van Neu-Ulm, tijdens een plechtige Eucharistieviering. Maar eer het zover kwam moest men nog iemand vinden die de iconen kon en wilde vervaardigen… Een heer Maurice Martens, ondertussen goed gekend en gewaardeerd bij de Oekraïense gemeenschap, wist raad. Bekend in binnen- en buitenland als deskundig iconenverzamelaar werden onder zijn leiding een reeks tentoonstellingen ingericht.
Hij was het die de Oekraïners in contact bracht met priester Jos Opdebeeck, rooms-katholieke aalmoezenier van het Rijks-psychiatrisch instituut te Geel. Men is heer Martens zeer dankbaar voor deze suggestie. Want Jos Opdebeeck aanvaardde de opdracht en het schitterend resultaat van zijn 6 jaar schilderwerk moet u beslist in de kerk aan de Hulshagenstraat gaan bewonderen.

Binnenkant kerk

Laten we hemzelf het verhaal doen:
“Op 9 juli 1985 werd mij door de heer en mevrouw Derewianka gevraagd de iconostase te schilderen voor de Oekraïense Orthodoxe kerk van Genk. Ik voelde mij zonder meer vereerd met deze vraag en heb die opdracht dan ook volgaarne aanvaard.
Ik werd wellicht aangestoken door de geestdrift van deze Oekraïners en ik was met deze taak gelukkig.
Iconen zijn een heilig bezit van de oosterse kerken, in het bijzonder van de orthodoxen. Waar ze de westerlingen door hun artistieke of esthetische hoedanigheden kunnen bekoren, zijn ze voor de orthodoxe gelovigen een teken van hun geloof in de heilsboodschap eeuwig geluk, en dus ook een teken van genade.
Het is ook een genade, met lijn en kleur te mogen bekend maken dat God zich, in zijn oneindige goedheid, om de mens heeft bekommerd, zich een volk heeft uitgekozen en een Messias beloofd en gezonden, die in woord en daad Gods liefde gestalte gaf tot op het kruis toe. Dat God Hem doen verrijzen heeft en verheven aan zijn rechterhand, vanwaar Hij ons zijn Geest zendt. (cfr. Handelingen 2, 32-33).
Dat hoopten wij op de iconostase allemaal te be-teken-en.

De rechter zijkant stelt de oudtestamentische Drievuldigheid voor, omringd door Adam, Abraham en andere aartsvaders. Dit is een verwijzing naar het begin van de heilsgeschiedenis: God is met zijn volk en belooft een verlosser.
Op de linker zijkant de Moeder Gods van het Teken, omringd door David, Salomon en de profeten. Zij houden het geloof in de verlossing levend door hun voorspellingen omtrent de Messias die komen zal.
Het middengedeelte tenslotte stelt Jezus’ leven, dood en verrijzenis voor in 13 iconen. De eerste en de laatste van deze rij stellen de geboorte en de dood van de Moeder Gods voor. Daarboven staan dan, rond de tronende Pantokrator, de iconen van de voorbede-rij, de deësis. Zij getuigen van ons geloof in de hemel. Voorafgegaan door de Moeder Gods en Johannes de Voorloper zijn zij het die voor ons ten beste spreken. Zij gaan ook voor in her gebed waarvoor we in de kerk samenkomen. Hier vieren we immers de heilige Liturgie, hem Hemelse Gastmaal, en samen met ons bidden en loven de “hemelingen” mee: de Moeder Gods, Johannes, apostelen, profeten en aartsvaders. Maar ook de heiligen die we op de onderste rij aanwezig stellen. Onder hen de patroonheilige van de kerk, Michaël de archistrateeg, vorst Wolodimir en vorstin Olga, de aartsengelen Michaël en Gabriël, en aartsdiaken Stefanus en Laurentius en verschillende anderen.
Dat geheel vormt de blijde boodschap dat er een hemel is, en dat Christus de poort tot die hemel voor ons heeft ontsloten. Dit vinden we weer gesymboliseerd door de Heilige Deuren die toegang verlenen tot het Heilige der Heiligen (symbool van de hemel), en waarop de boodschap aan Maria staat geschilderd en de vier evangelisten.
Naast de heilige deuren bevinden zich de voornaamste iconen van de iconostase: de Christus Pantokrator en de Moeder Gods Hodegetria. Praktisch bekeken is het een vrij grote iconostase: 20 meter bij 4 meter. Er zijn ook grote panelen bij: de grootste meten 1,90 m bij 1,30 m. Na enkele experimenten en “rijp beraad” hebben we als drager een degelijke kunstplaat gekozen, die zoals massief hout kan worden bewerkt, maar er de gebreken (barsten, krom trekken) niet van heeft. Verder volgen wij helemaal de traditie.
Het hout wordt voorgelijmd en gemaroufleerd. Daarop komen dan een tiental krijtlagen. De tekening wordt opgebracht en gedeeltelijk ingekrast. Dan wordt op poliment het goud gelegd. Het schilderen gebeurt met eitempera en als vernis wordt olifa gebruikt. Een intensief gebeuren, waarmee wij, gesteund door het gebed van de Oekraïense Orthodoxe Kerk in een zestal jaren klaar zijn gekomen.
Moge ook ons werk een gebed zijn, moge het voor de kerkbezoekers iets betekenen en inderdaad verkondiging zijn van de blijde boodschap”.

JOS OPDEBEECK